het eendje dat niet durfde
door Kelly Black
Het was nog vroeg in de ochtend toen Rex en Bram met hun bazinnetje naar buiten gingen.
De wereld was nog een beetje stil. Op het gras lagen kleine dauwdruppels die glinsterden in het eerste zonlicht. De vogels zongen voorzichtig hun ochtendlied en boven de vijver hing een dun laagje mist.
Rex liep rustig naast het bazinnetje. Hij keek om zich heen met zijn wijze ogen, alsof hij alles in de gaten hield.
Bram huppelde vooruit. Zijn puppypootjes maakten kleine sprongetjes over het pad. Soms bleef hij staan om aan een bloem te snuffelen, soms keek hij naar een vlinder en soms vergat hij bijna waar hij naartoe liep.
“Rustig aan, Bram,” zei het bazinnetje lachend. “De dag is nog maar net begonnen.”
Bij de vijver was het prachtig.
Het water lag stil tussen het riet. Hier en daar dreven waterlelies op het oppervlak. Een libel scheerde laag over het water en maakte kleine kringetjes in de lucht.
Toen hoorde Bram iets.
“Piep… piep…”
Hij bleef stokstijf staan.
Zijn oortjes gingen omhoog.
“Piep… piep…”
Bram keek naar links. Toen naar rechts. Daarna rende hij voorzichtig naar de rand van het riet.
Rex kwam rustig achter hem aan.
Daar, half verstopt achter een dikke rietstengel, zat een klein eendje.
Het had zachte gele veertjes, een klein snaveltje en twee donkere kraaloogjes. Het keek naar het water alsof dat water wel héél groot en spannend was.
Aan de andere kant van de vijver zwom moeder eend met vijf andere eendjes achter zich aan.
“Kwak, kwak,” riep moeder eend zacht.
De vijf eendjes zwommen vrolijk in een rijtje achter haar aan.
Maar het zesde eendje bleef zitten.
“Ach,” zei het bazinnetje zacht. “Volgens mij durft hij niet.”
Bram stapte meteen naar voren.
Hij wilde helpen.
Natuurlijk wilde hij helpen.
Misschien kon hij het eendje wel een duwtje geven. Of voordoen hoe je moest zwemmen. Al wist Bram zelf eigenlijk ook niet zo goed hoe eendjes zwommen.
Maar Rex ging rustig voor hem staan.
Niet boos.
Niet streng.
Gewoon kalm.
Alsof hij wilde zeggen: Wacht maar even, kleine vriend.
Bram keek verbaasd naar Rex.
Waarom mocht hij niet helpen?
Het eendje piepte weer.
Moeder eend zwom een stukje dichterbij.
“Kwak,” zei ze zacht.
Het klonk niet boos. Het klonk geduldig. Alsof ze wilde zeggen: Kom maar. Je kunt het.
Het kleine eendje zette één pootje naar voren.
Toen trok hij het weer terug.
Bram hield zijn adem in.
“Kom op,” fluisterde het bazinnetje.
Het eendje keek naar het water. Het zag zijn broertjes en zusjes aan de overkant. Die plonsden vrolijk rond alsof water het leukste was dat er bestond.
Maar voor dit kleine eendje leek de vijver enorm.
Groter dan de wereld.
Dieper dan een droom.
En veel spannender dan het veilige stukje gras achter het riet.
Bram ging langzaam zitten.
Dat was moeilijk voor Bram, want Bram zat niet graag stil als er iets gebeurde.
Maar Rex zat ook stil.
En als Rex iets deed, was dat meestal verstandig.
Dus bleef Bram zitten.
Heel stil.
Alleen zijn staartje bewoog een beetje.
Het kleine eendje keek naar Rex en Bram.
Misschien zag hij dat de twee honden niets engs deden.
Misschien voelde hij dat iedereen rustig bleef.
Misschien hoorde hij de zachte stem van moeder eend.
Het eendje zette weer een stap.
Deze keer bleef zijn pootje staan.
Toen nog een stap.
En nog één.
Nu stond hij vlak bij het water.
Zijn kleine teentjes raakten de rand.
Er kwam een golfje aan.
Plop.
Het water tikte tegen zijn pootje.
Het eendje sprong achteruit.
Bram sprong bijna mee.
Maar Rex bleef rustig.
Het bazinnetje legde een hand op Brams rug.
“Soms,” zei ze zacht, “help je het meest door iemand zelf de tijd te geven.”
Bram keek naar het eendje.
Zelf de tijd geven.
Dat klonk best moeilijk.
Want Bram wilde graag rennen, helpen en alles meteen oplossen.
Maar misschien had het eendje geen haast nodig.
Misschien had het moed nodig.
Moeder eend zwom nog een stukje dichterbij.
“Kwak, kwak.”
De andere eendjes waren nu ook stil. Ze lagen als kleine gele bootjes op het water te wachten.
Het kleine eendje keek naar zijn moeder.
Toen naar het water.
Toen naar Rex.
Toen naar Bram.
Bram kwispelde zachtjes.
Niet wild.
Niet druk.
Gewoon een klein beetje.
Alsof hij wilde zeggen: Je kunt het.
Het eendje stak zijn pootje uit.
Daarna zijn andere pootje.
En toen…
Plons.
Daar lag hij.
In het water.
Heel even gebeurde er niets.
Het eendje keek verschrikt om zich heen.
Bram sperde zijn ogen open.
Het bazinnetje hield haar adem in.
Maar toen begon het eendje te bewegen.
Eerst langzaam.
Peddel, peddel.
Daarna iets sneller.
Peddel, peddel, peddel.
Hij dreef!
Hij zwom!
Het kleine eendje zwom echt.
Moeder eend kwaakte blij. Zijn broertjes en zusjes draaiden een rondje om hem heen. Het eendje piepte trots, alsof hij zelf niet kon geloven dat hij het had gedaan.
Bram sprong op.
“Waf!”
Maar meteen keek hij naar Rex en ging weer zitten. Niet te hard juichen natuurlijk. Het eendje moest niet schrikken.
Het bazinnetje lachte zacht.
“Goed gedaan, Bram.”
Rex keek tevreden naar de vijver.
Het kleine eendje zwom nu naast zijn moeder. Eerst nog een beetje wiebelig, maar al snel steeds rechter en sterker.
Bij de waterlelies bleef moeder eend even liggen. Alle eendjes kwamen dicht bij haar.
Het kleine eendje keek nog één keer naar de kant.
Naar Rex.
Naar Bram.
Naar het bazinnetje.
Toen gaf hij een klein piepje.
Bram hield zijn kop scheef.
“Volgens mij zegt hij dankjewel,” zei het bazinnetje.
Bram kwispelde trots.
Daarna wandelden ze verder langs de vijver. De zon stond inmiddels hoger aan de hemel. De mist verdween langzaam en het water glinsterde alsof er duizenden kleine lichtjes op dansten.
Bram liep dicht naast Rex.
Voor één keer rende hij niet vooruit.
Hij dacht na.
Over het eendje.
Over het water.
Over durven.
En over wachten.
Na een tijdje keek het bazinnetje naar hem.
“Zie je, Bram,” zei ze. “Soms hoeft hulp niet groot te zijn. Soms is rustig blijven al genoeg.”
Rex liep kalm door, alsof hij dat allang wist.
Bram keek nog één keer achterom naar de vijver.
In de verte zwom het kleine eendje nu vrolijk tussen zijn broertjes en zusjes. Hij was niet meer het eendje dat niet durfde.
Hij was het eendje dat het tóch had geprobeerd.
En Rex en Bram?
Die hadden geleerd dat moed soms heel klein begint.
Met één stapje.
Eén pootje in het water.
En iemand aan de kant die rustig blijft geloven dat je het kunt.
het nieuwe boekje van Rex en Bram
Rex en Bram gaan op vakantie
Ga mee op een hartverwarmend avontuur met Rex en Bram, twee nieuwsgierige zwart-witte bordercollies die samen met hun bazinnetje op vakantie gaan. Van kamperen in de natuur en wandelingen door uitgestrekte bossen tot bijzondere ontmoetingen met bosdieren: iedere dag brengt een nieuw avontuur.
Onderweg ontdekken Rex en Bram dat de mooiste herinneringen niet alleen ontstaan door spannende belevenissen, maar juist door samen te genieten van de kleine momenten. Vriendschap, zorg voor elkaar, respect voor de natuur en een warm hart voor mens en dier staan centraal in dit liefdevolle verhaal.
Met sfeervolle illustraties en een verhaal vol warmte, humor en verwondering is Rex en Bram gaan op vakantie een heerlijk voorlees- en leesboek voor jonge dierenliefhebbers. Een boek dat kinderen uitnodigt om naar buiten te gaan, de natuur te ontdekken en te genieten van elk avontuur – groot of klein.
Pak je rugzak maar in… Rex en Bram wachten al op je!
ontdek de nieuwe liedjes van rex en Bram
🎵 Zing en dans mee met Rex en Bram! 🐾
De vrolijke liedjes van Rex en Bram zijn nu te streamen via de bekende streamingdiensten. Van avontuurlijke en gezellige kinderliedjes tot warme, ontroerende melodieën – er is voor iedereen iets leuks om naar te luisteren.
Zet de muziek aan, zing mee en beleef de avonturen van Rex en Bram ook buiten de boeken!
Veel luisterplezier! 🎶❤️
Reactie plaatsen
Reacties